Nadja is helemaal in de ban van ‘klop klop’. Ik weet niet of dit komt omdat ze in de taxi van en naar school al sinds eind september (*%^#) Sint-liedjes luisteren maar in ieder geval is Nadja er vol van. Kloppen op de ramen als er moet worden gezwaaid, kloppen op de deuren alvorens mevrouw naar binnen (sch)rijdt en ook wij dienen dit voorbeeld te volgen. ‘Kloppen!’ roept ze hard als we zomaar haar kamerdeur opendoen. Ja, waar vroeger de deur open moest blijven wil pre puber Nadja sinds kort haar kamerdeur dicht. Dus sluiten we braaf de deur weer en doen ‘klop klop’.

Als variatie hierop dacht ik heel lollig te zijn. Nadja helpt graag bij het koken. We maakten soep en macaroni. ‘Pak jij maar even de ketchup’ zei ik.

‘Voor de macaroni?’ vroeg Nadja.

‘Ja, klop klop!’ antwoordde ik met mijn knokkels zachtjes op haar hoofd tikkend, ‘N

iet voor in de soep hè!’ Haar lach ontaardde in de slappe lach zoals alleen Nadja dat kan. Hikkend en aanstekelijk.

Daarop verzon zij haar eigen versie. Te pas en te onpas klopt Nadja ons op onze rug. Wij draaien ons zogenaamd verschrikt om en zij roept dan ‘Boe’. Tja, qua spelletjes zijn we het kleuterniveau nog niet voorbij. Maar mevrouw Klop-klops lijf daarentegen wél. Van de week was ze zo intensief bezig geweest met knuffel Schaap in bad doen dat ik voor het eerst dacht: zooo, het riekt een beetje naar uien. Ook de juf had het gemerkt na de gym. Dus, we oefenen met deo. Alleen, vrijwillig de oksel vrijmaken is nog een dingetje. Maar, daar heb ik wat op gevonden hoor. Gewoon iets heel doms zeggen, wachten tot Nadja op haar hoofd klopt en dan psssssjt. Klop klop, gefopt!